Pilotenhulp deel 1

Betrokkenheid van "Blonde Piet"

Ik beschrijf hier in het kort wat ik weet over de betrokkenheid van "Blonde Piet" bij de zogenaamde "pilotenhulp". Pilotenhulp betreft niet alleen de piloten, maar natuurlijk tevens alle bemanningsleden van geallieerde vliegtuigen, waarbij de bemanningen nadat hun toestellen werden neergeschoten, zich per parachutte konden redden en indien zij geluk hadden in de handen vielen van illegale werkers.

Na de oorlog werden Annie en Piet lid van de vereniging van Pilotenhelpers, die af en toe een reunie hielden. Bij het begin van mijn onderzoek, in 2002, was deze vereniging reeds opgeheven i.v.m. te weinig in leven zijnde leden...



De reunie van 1972, gehouden in Maastricht.

Na de oorlog heeft Piet met moeite een autobiografie over zijn aandeel in het verzet opgemaakt, welke thans ligt opgeslagen bij het NIOD te Amsterdam onder WW2 KP/ LKP.  Een ieder die aan het verzet had deelgenomen werd na de oorlog verzocht dit te doen. De één ging dit schrijven beter af dan de ander. Piet ging het niet zo goed af. Hij schreef alleen het gedeelte van de KP tijd op en niets over de periode dat de NBS in werking was getreden. Over deze laatste periode, waarin voor hem toch zeer veel ingijpende dingen zijn gebeurd, zegt hij: "Als ik dat allemaal op moet schrijven, wordt mijn bloc vol. Ik ben wel genegen om hier mondeling verslag van te doen."
Een paar gedeelten uit deze autobiografie, die door een derde met een typemachine werd uitgewerkt:

Piet: "Ik werd gebeld door Johannes:"Piet kun je even bij me komen? (Daar wij allen illegale werkers waren, stonden wij in nauw contact met elkaar, het verzorgen van onderduikers, joden enz......."
Piet over de periode tussen de grote kraken:
"Nou gebeurde er tussen die kraken niet zoveel bijzonders, een beetje onderduikers verzorgen, joden en piloten".
Piet, na de overval op de koepel in Arnhem: "Zo begon het leven weer van onderduikers, joden en piloten".

Wat opvalt is dat Piet deze hulp aan onderduikers, joden en piloten zo eenvoudig afdoet, als zijnde een routinematige klus. In ieder geval neemt hij niet de moeite hierover te schrijven. Hij benoemt deze zaken alleen om aan te geven dat, "tussen de grote klussen door", het dagelijkse leven weer begon.

Een gesprek d.d. 21 juli 2002, met Anna Haveman -Kroes, een schoonzuster van Piet:
"Bijna direct na de vrijlating uit krijgsgevangenschap (juni 1940) is Piet in contact gekomen met Johannes ter Horst en ging zich bezig houden met het onderbrengen en verzorgen van onderduikers en het wegbrengen van piloten naar de Belgische grens."
2e gesprek 23 maart 2010, zij is inmiddels 92 jaar:
"Je vader en moeder woonden na hun huwelijk (17 oktober 1942), in de voorkamer van ons ouderlijk huis, aan de Kottendijk 80 te Enschede. Korte tijd nadat zij daar ingetrokken waren, nam Piet al piloten mee naar huis die voor enige dagen onderdak vonden, in afwachting van een definitieve plaatsing. Ik was al getrouwd en woonde niet meer thuis. Behalve mijn ouders, Steven Kroes en Jantje ter Heide, woonden mijn zussen, Elske en Tonny ook nog thuis. Mijn ouders waren zéér anti-Duits en waren bereid, met alle risico's van dien, piloten op te nemen. Het probleem was dat niemand van ons de engelse taal kon spreken of verstaan.
Niemand, zelfs eigen familie niet, kreeg iets te horen over deze piloten. Wanneer er vragen werden gesteld, over wie die persoon in de kamer was, werd altijd geantwoord: "Dat is een neef van ons, die is doof/stom en kan dus niet praten." De piloot wist dat hij zijn mond moest houden."

Op 7 april 1975, stuurde Harry Saathof een brief naar de "Stichting 1940 - 1945", inhoudende informatie over de illegale werkzaamheden van Annie Kroes in de WW2.
Een gedeelte uit deze brief:
"Na mijn terugkeer in het begin van 1944 naar Twente, ben ik middels Geert Schoonman bij de KP Twente gekomen. Daar leerde ik o.a. Johannes ter Horst en Piet Alberts kennen. Deze laatste woonde toen aan de Kottendijk te Enschede. Dit adres was voor meerdere piloten een doorgangshuis, van waaruit ze verder vervoerd werden. Ik herinner me dat door de KP Twente (Geert, Piet en mij) een piloot van Piet's huis werd gebracht naar ene mevrouw Touwson (later gehuwd met ene Bleijdenstein) te Lonneker. Ook werd een piloot van Piet's huis, naar Jules Haeck in Hengelo (O) gebracht door leden van de KP."

Krantenknipsel uit de krant (verm. Tubantia) uit het jaar 1948 of 1949, zijnde een artikel over het terugsturen van een Amerikaanse onderscheiding door Piet. Onder andere staat verder in dit artikel:
"De onderscheiding werd hem verleend, omdat hij een Amerikaanse piloot 14 dagen bij hem thuis verborgen heeft gehouden"......dan, aan het einde van het artikel:
"Blonde Piet" heeft o.a. met zijn ploeggenoten, diverse piloten, die aan de Duitsers waren ontsnapt, naar de Belgische grens vervoerd, vanwaar de piloten via Belgie, Frankrijk en Portugal, naar Engeland terugkeerden.
De heer Alberts ontving ook een onderscheiding van de Engelsen."

Beschikking, toekenning "Kruis van Verdienste" d.d. 20 januari 1953.
"Heeft zich in verband met de vijandelijke actie, door moedig en beleidvol optreden onderscheiden en daarmee het belang van het Koninkrijk gediend als één van de eerste medewerkers van de KP Twente, tijdens de bezettingsjaren 1940 - 1945, die zich verdienstelijk maakte met het opvangen en vervoeren van neergekomen leden van geallieerde vliegtuigbemanningen.....". In de laatste alinea: "Hij bracht drie maal een groep piloten naar de Belgische grens ".

 

Naar boven

 

<<<<<                                                                                          >>>>>>