De liquidatie deel 1

In deze kleur zijn de mijn opmerkingen. In de grijze kleur is de later bekomen informatie uit bronnen van de familie Nierkens weergegeven. Met name de getuigenis van de jongste zoon van Bernardus Nierkens, genaamd Jan. Dit heb ik gedaan om u hopenlijk een snellere en een betere en neutralere indruk te geven over hoe één en ander is verlopen. 
In hoofdstuk IV van deze liquidatie heb ik een korte biografie van de slachtoffers weergegeven.

De lichtbuine kleur is het lopende verhaal.


Ik heb eerst nagedacht of dit de juiste benaming is voor hetgeen hieronder door mij wordt weergegeven.
Uit Wikipedia: "Een liquidatie betreft een bepaald soort moordaanslag waarbij iemand welbewust om criminele, of om andere (bijvoorbeeld politieke of religieuze) redenen wordt vermoord."
Volgens mij is dit de juiste benaming voor hetgeen zich heeft afgespeeld:


Nadat op 14 november 1944, de verschillende verzetsgroeperingen zijn opgegaan in één Binnenlandse Strijdkrachten, zijn er in de kring Enschede, waaronder ook Losser en Haaksbergen vallen, tien vaste verzetskernen. Dit zijn dus onder andere de eerder genoemde groeperingen. Onder andere bevinden zich groepen in De Lutte, Glanerbrug, Buurse, Boekelo, Haaksbergen en het Hoge Boekel. Zo staan of stonden ook enige groepen onder leiding van Piet Alberts (Blonde Piet). Dit was reeds in de periode dat het KP-hoofdkwartier "Lidwina" in Zenderen nog bestond.
Volgens de nieuwe organisatie, na 14 november 1944, waarin Piet als KP'er, aan de afdelingscommandant Karel van Bennekom is toegevoegd, zou Piet geen direct contact meer moeten hebben met de soldaten en onderofficieren van de compagnieën. Deze laatsten hebben nu hun eigen Compagniescommandanten en toegevoegde KP'er.
De oude groepen op het Hoge Boekel vallen nu onder de compagniescommandant Noord of Centrum, commandanten respectievelijk H.van Lelyvelt met Kp'er N. Hoogenboom en W.J.Blijdenstein met Kp'er Jan van Buurse.

De soldaten en onderofficieren deeluitmakende van de compagnie op het Hoge Boekel zijn onder andere:
Johan Letteboer, Klaas Nijenbrink, Jaap Westra, Hendrikus Lette, Rinus Landman, Jonnie Boer, Jan Beugelink, Johan van de Berg, Johan Hofstra, Wim Nierkens, Johan Gerbens en Hennie Meurink. 

Na de oprichting van de NBS, op 14 november 1944, komt er ook een sterke uitbreiding van het aantal NBS-leden.
Onder andere komt de genoemde Wim Nierkens de groep versterken. Wim, die tijdens de Duitse inval, evenals Piet, had gevochten aan de Grebbeberg, is daar gewond geraakt. Zijn vader, genaamd Bernardus. Nierkens, was in Tubbergen hoofdveldwachter. Om de één of andere reden is hij daar ontslagen. (Althans dat was in die tijd over hem bekend.)

Uiteindelijk werd Bernardus afgekeurd, omdat hij aan aderverkalking zou lijden. Waarschijnlijk is dit niet waar, blijkende uit het feit dat hij soms gedetailleerde informatie doorgeeft aan het verzet.
In ieder geval zijn er documenten waaruit blijkt dat aan hem, op 16 augustus 1938, een pensioen werd toegekend. Hij was toen in de leeftijd tussen 45- en 50 jaar. Diep teleurgesteld door de gang van zaken en veelal alles nu extra negatief bekijkend, uitte hij zich ook zo. Hij miste zijn politiewerk en de waardering daarvoor.                  

(Opmerking: Dus van ontslag was dus geen sprake)

Alhoewel Bernardus geen lid is van de NBS-groep, doet hij toch werkzaamheden voor het verzet, zoals het inwinnen van inlichtingen over Duitse troepenverplaatsingen..........maar in zijn hart is hij eigenlijk pro Duits. (Althans zo werd in die die tijd over hem gedacht.) Dit in tegenstelling tot zijn zoon.

Piet Alberts die, bij de meeste genoemde mannen, alleen bekend staat met zijn schuilnaam "Blonde Piet", heeft kennelijk een andere of uitgebreidere organieke structuur om zich heen dan op papier is vastgelegd. We hebben het hier dus over de periode rond de 14e november 1944. Hij is (volgens de Kring-commandant Ben ter Kuile) tevens sectiecommandant, alsmede commandant van alle KP'ers in de gemeente Enschede.
Karel van Bennekom, aan wie hij als KP'er is toegevoegd, kent hij nauwelijks.


Over Karel van Bennekom, laat ik Kringcommandant Ben ter Kuile aan het woord:
"Tegen het einde van de maand (september 1944) verscheen een oude vriend van ons in Enschede, Karel van Bennekom uit Den Haag, die, na zijn zeggen, opdracht had ontvangen om in Enschede de Orde Dienst te commanderen. Hij moest toch weg uit Den Haag om onder te duiken en kon dit dus uitstekend combineren.
Hij nam zijn intrek op Zonnebeek, (tussen Enschede en Haaksbergen in het buitengebied) terwijl hij tevens een tijdje aan de Oliemolensingel (in Enschede) woonde.
De eerste vergadering van de O.D. waar ik voor het eerst bij geinviteerd was, vond plaats in het clubgebouw van Nico's sportvereniging, waar aanwezig waren:
Van Bennekom (voorzitter), Bosch, Fischer, B.Hopink, Klaas Straatman, Blok, Visser (B.V.L.), inspecteur Bruining en mijn persoon.
De indruk, die de oude OD van hun nieuwe commandant kreeg, bleek niet zeer gunstig en Bosch, die zich tot dusverre als leider had gevoeld, schoof van Bennekom, nadat die even moest onderduiken, zachtjes aan de kant.
Daar Van Bennekom hiervan nooit bericht kreeg, ontstemde mij deze handelswijze en protesteerde ik bij Hein van Joolen, de districtscommandant.
Door het contact dat ik via Nico Herman, met Klaas Straatman gekregen had, bleek mij dat de KP-jongens kritiek uitoefenden op hun OD-commandant Bosch, daar hij praktisch nooit te vinden was en steeds moest onderduiken.
Ik wilde trachten hierin te bemiddelen, zoals de opdracht mij, door de districtscommandant gegeven, luidde.
Hiertoe had ik diverse besprekingen met Bosch en soms met zijn vrouw, waaruit bleek, dat de jongens voor zijn gevoel te wild werden en niet voldoende wilden gehoorzamen aan zijn bevelen tot rust en orde.
De kritiek kwam van beide kanten en ik was van mening dat het anders te organiseren was. Tevens zou men dan van een betere geheimhouding verzekerd zijn.
Tegelijkertijd begon het streven tot samenwerking tussen de OD en KP. (de RVV was in Enschede nauwelijks aanwezig) en men zocht een overkoepelende kringcommandant. Toen ik geen geschikte officier kon vinden, heb ik mijzelf bereid verklaard, in samenwerking met Klaas Straatman dit te doen.

Als Kring- respectievelijk Rayon-commandant stond ik opeens boven Van Bennekom, die stadscommandant werd van Enschede. Dit was wel even moeilijk daar ik eerst onder hem stond als sectiecommandant van Enschede Noord-West, standplaats "Het Zwik" en aangesteld door Van Bennekom en Bosch.
Van Bennekom legde zich hier volkomen bij neer, ook al vanwege dat ik hem weer in de stoel had geholpen, na de vreemde geste van Bosch.

In plaats van Klaas Bootsma, die in deze tijd nooit vinden was, daar hij aan de Gewestelijke Staf verbonden was, kozen wij "Blonde Piet" als "specialist" naast van Bennekom". Toto zover Ben ter Kuile.
 
In de secties waar Piet commandant van is worden steeds vaker stemmen gehoord dat er onbetrouwbare mensen bij zitten die een gevaar voor de hele ondergrondse kunnen zijn.
Uiteindelijk hoort hij van schillende personen de naam van een sectielid, genaamd Wim Nierkens, die zich vaak merkwaardig gedroeg.


Ook Wim, werd net als veel jonge mannen, voor de oorlog opgeroepen voor de algehele mobilisatie. Hij was als automonteur gelegerd in het Brabantse Boekel en had een reparatiewagen. Toen de oorlog uitbrak moest hij van Boekel naar de Maas en vandaar terugtrekkend richting Den Bosch, Tilburg, Breda, Rosendaal en belandde tenslotte in Domburg in een hospitaal, i.v.m. zijn opgelopen verwondingen 
Toen de oorlogshandelingen voorbij waren, kwam bij de familie Nierkens geen bericht over het lot van hun zoon en broer Wim. Samen met een meisje uit Losser, is vader Bernardus op zoek gegaan naar zijn zoon, beginnend in Boekel en het spoor vervolgend, totdat hij op de weg, tussen Tilburg en Breda, de reparatiewagen aantrof, waaruit hij op kom maken, dat zijn zoon Wim hierin gereden had. De wagen was doorzeefd met kogels. Uiteindelijk vond hij zijn zoon terug in het ziekenhuis in Domburg. Wim lag daar met o.a. de navolgende verwondingen:
een verbrijzelde knie, een verbrijzeld scheenbeen, een schot onder de longen, een schot in zijn zijde, een bajonethouw over zijn pols en een schampschot aan zijn hoofd. Dus Wim was zwaargewond.


Wanneer er een actie werd gehouden, was hij daar meestal niet bij aanwezig. Op vragen van de sectieleden, waar hij geweest was, gaf hij dan vaak ontwijkende antwoorden. Soms was hij dagen weg, samen met zijn vader en niemand van de groep wist waar hij dan uithing.

Tegenover zijn broer Jan liet Wim zich vaag uit dat hij met “iets” bezig was. Met wat wist Jan niet. Wim was een stille, zei nooit veel.
Dat zoon Wim met iets bezig was, dat met het verzet te maken had, was binnen het gezin wel duidelijk geworden. Er werd echter niet over gesproken en de meningen over de zin en de onzin ervan, liepen tussen Wim en zijn vader uiteen. Zoals gewoonlijk zag vader alles negatief. Wanneer er eens over een persoon gesproken werd, waren dit alleen voornamen.
Op een morgen kwam Wim de keuken binnen en legde een juttenzak op het fornuis. Tegen zijn jongere broer Jan zei hij: “Daar moet je niet aankomen, hij is nog heet!”. Later zag Jan dat in die zak een stengun zat.
Moeder Nierkens, die e.e.a. meekreeg, gaf nooit commentaar. Het enige wat ze af en toe zei: “Doe alsjeblieft voorzichtig!”.
Wim kwam uiteindelijk voor de "Deutsche Arbeitseinsatz" in het Duitse plaatsje Legden te werken en kwam dagelijks naar huis. Omdat hij in het bezit was van de benodigde reisdocumenten, kon hij zich ook vrijelijk bewegen, ook zelfs in de avonduren. Waarom Wim niet is ondergedoken is een raadsel. Zijn broer Jan deed dit wel. Zodra een Razia begon, verstopte hij zich onder de vloer van de ouderlijke woning. Hij werd geregeld door zijn broer Wim getipt dat er weer een Razia aan zat te komen.
(Opmerking: Is dat de reden waarom Wim slecht te bereiken was en wilde hij dit werken in Duitsland geheim houden?)

Inmiddels is het bij de sectieleden ook bekend geworden dat Bernardus, de vader van Wim Nierkens goede contacten heeft met een NSB-rechercheur van politie te Enschede. Deze rechercheur is genaamd: Keimpke de Groot.
Bij de illegaliteit was bekend dat De Groot openlijk met de Duitsers meewerkte in o.a. de vervolging van joden....
De sectieleden worden van deze geruchten zo zenuwachtig dat velen het voor verstandiger vonden om niet meer in hun eigen huizen te slapen. Hierdoor liepen de spanningen en onderlinge achterdocht, onder deze mannen, nog meer op

Omstreeks vrijdag 10 november 1944, komt de NBS'er Jonnie Boer bij Piet en vertelt het volgende:
"Piet luister eens, ik moet je wat vertellen, dat volgens mij heel belangrijk is. Gisteren is de oude Nierkens bij mij thuis geweest en vertelde mij dat hij bezoek heeft gehad van een Gestapo-agent. Deze agent zou gestuurd zijn door rechercheur de Groot. Deze rechercheur wilde van hem inlichtingen over de ondergrondse. Ik vroeg hem of hij wat had verteld. Nierkens zei dat hij niets had verteld".


Over Johnny (Boer)
Jan weet zich maar één naam te herinneren uit het verzet. Dit is Johnny. Jan zag hem na de oorlog nog paraplu’s verkopen. Johnny was een klein ventje, volgens Jan waarschijnlijk afkomstig van het woonwagenkamp, met een grote wijnvlek op zijn gezicht. Hij kwam soms in de ouderlijke woning van de familie Nierkens, om Wim op te halen.


Piet vindt deze informatie zo belangrijk, mede in combinatie van hetgeen hij al verschillende keren over de Nierkens had gehoord, dat hij besluit contact op te nemen met zijn naast hogere, de plaatsvervangend Kringcommandant Klaas Straatman. Hij kent Straatman al wat jaartjes en heeft in hem meer vertrouwen dan de zaak aan Karel van Bennekom voor te leggen.
In een gesprek tussen beiden, komen ze tot een besluit om meer te weten te komen van vader en zoon Nierkens. Is Bernardus Nierkens betrouwbaar, of geeft hij informatie via rechercheur De Groot aan de Duitsers door! Wanneer dit laatste geval is is, dan is hij een bedreiging voor de hele NBS in- en in de onmiddelijke omgeving van Enschede.

Gedacht wordt aan de mogelijkheid om Nierkens uit te horen en het plan wordt als volgt uitgewerkt:
Iemand uit de NBS, die Nierkens niet kent, moet zich voordoen als gestapo-agent en hem proberen uit te horen. Wanneer hij mededelingen over het verzet doet, is het foute boel. Maar wie moet dit gaan doen? De keus valt op een lid van de organistatie, genaamd Wim Wijtman
......(Wie die keuze heeft gemaakt is mij niet bekend.)
Wijtman wordt vervolgens geinformeerd en krijgt de opdracht om contact  op te nemen met Nierkens Sr. en hem uit te horen. Wijtman geeft te kennen de zaak wel op zich te willen nemen. Zodra er resultaten zijn horen Klaas en Piet dat. Het enige dat nog roet in het eten kan gooien is dat Nierkens sr. Wijtman zou kennen.

Wim Wijtman, die ook als informant werkzaam is voor de CID, besluit niet zelf naar Nierkens te gaan, maar benadert op eigen initiatief, een medewerker van hem, genaamd Herman Tiethof, die hij vervolgens op Nierkens sr. afstuurt.
Tiethof krijgt van Wijtman de opdracht om Nierkens sr. uit te horen. Hij drukt daarbij Tiehof op het hart, dat hij Nierkens, behalve inlichtingen over de verzetsbeweging, bovenal inlichtingen moet vragen waar de hoofdkwartieren van de NBS zijn gevestigd. Tiethof moet zich aan Nierkens voordoen als Gestapo-agent, die met medeweten van rechercheur De Groot, bij hem inlichtingen komt inwinnen ten behoeve van de Sicherheitsdienst.

Tiethof gaat vervolgens naar de woning aan de Pieter Bothstraat te Enschede. Mogelijk is dit op zaterdag 11 november 1944. Daar aangekomen wordt de deur voor hem geopend door een vrouw. Op zijn vraag of Nierkens sr. aanwezig is, antwoord de vrouw dat dit niet het geval is. Tiethof zegt dan dat hij met haar man wil spreken en maakt met haar de afspraak, dat hij haar man de volgende ochtend weer thuis op zal zoeken. Haar man moet dan thuis blijven.

De volgende dag, zondag de 12e, gaat Tiethof weer op pad en belt bij Nierkens aan. Nadat Tiethof is binnengelaten, gaan Nierkens Sr. en Tiethof in de voorkamer zitten en spreken daar met elkaar.
Behalve mevrouw Nierkens, is op dat moment ook in de woning, de eerder genoemde Jonnie Boer, die de zaak aan het rollen heeft gebracht. Hij is kind aan huis bij de familie Nierkens en wordt als huisvriend gezien.

 

Tiethof begint zijn gesprek:
"Nierkens, moet je luisteren. Dat ik bij jou kom, is in overleg met De Groot en de SD. Ik werk voor de SD, dus alles is in orde. Ik zal maar met de deur in huis vallen; waar wij belang bij hebben is het volgende. Wij willen weten waar het hoofdkwartier van de NBS is gevestigd".
Nierkens: "Welk hoofdkwartier bedoel je?"
Tiethof moet even nadenken wat hij daarop zal antwoorden en dan zegt hij:
"Beide".

De vraagstelling van Nierkens geeft aan dat hij waarschijnlijk méér dan één hoofdkwartier zou weten.

Dan vervolgt Nierkens: "Ik weet dat er een hoofdkwartier is gevestigd aan de Wierdensestraat te Almelo. Ze zitten daar in een villa. Volgens mij is die naam "Berkenhof" of iets dergelijks. Verder zit er nog een hoofdkwartier tussen Borne en Zenderen".
Tiethof: "Moet je luisteren, wij hebben zeer veel belangstelling daarvoor en je kunt 4000 gulden verdienen voor elk geruimd hoofdkwartier!"

Na het gesprek tussen beide verlaat Tiethof de woning, nadat hij nog een afspraak heeft gemaakt om die week daarop terug te komen voor een nader gesprek.

Contact met Tiethof:

Jan:

Ongeveer een maand voor de liquidaties kwam er ’s avonds iemand bij ons thuis, die zei dat hij de heer Tiethof of Tijthof was uit Oldenzaal. Het was een geheimzinnig gesprek. Er was iemand bij deze Tiethof gekomen, die had verteld dat er een ordonnans van het verzet, op weg van Enschede, naar Almelo, bij Zenderen van zijn motor was geschoten. Deze was opgenomen in het Duits militair hospitaal in de oude HTS, tegenover het ziekenhuis.
Hij beweerde dat hij was beschoten door iemand van de ondergrondse. Mijn vader moest uitzoeken wat er van waar was.”
Merkwaardig
”Ik vond het een sterk verhaal. Deze Tiethof vertelde alles waar ik en mijn moeder bij waren en hij noemde zijn volledige naam. Het was misschien een lokkertje.
Vader is toen op onderzoek uitgegaan. De ordonnans bleek van oorsprong een Duitser te zijn.”
Contacten verzet.
Nadien heeft Bernardus pas echt wat contact met het verzet gehad.

Onder andere tipte hij het verzet over een munitietrein in Oldenzaal en De Lutte. Dit is doorgeseind naar Londen en de trein is opgeblazen.
(Opmerking: Heel veel onverklaarbare verschillen in de verklaring van Tiethof, en de verklaring van de toen 18 jarige zoon Jan Nierkens!!)

Wanneer Tiethof de woning heeft verlaten doet Nierkens sr. zijn verhaal aan zijn vrouw en aan, de nog steeds in de woonkamer aanwezige, Jonnie Boer.
Nierkens: "Die man was van de SD en weet je wat hij wou? Inlichtingen over de ondergrondse. Ik heb hem niets gezegd. "Hij is dan wel bij de duivel te biecht gekomen!"
Jonnie Boer zegt dan: Oh, maak je niet ongerust, ik zal één en ander wel doorgeven aan "de heren".

Tijdens dit gesprek is Tiethof al op weg naar zijn "chef" Wim Wijtman, om hem zijn ervaringen te vertellen.
Wim Wijtman zoekt vervolgens contact met "Blonde Piet". Wim kent Piet o.a. van de spoorwegsabotage. Hij geeft aan hem door hoe één en ander verlopen is. Piet hoort pas veel later dat niet Wim Wijtman zelf naar Nierkens is geweest maar de voor hem onbekende Tiethof.
(Dit heeft volgens mij catastrofale gevolgen)
Het is dan waarschijnlijk, maandag de 13e.

Zoals afgesproken gaat Piet met de bekomen informatie naar zijn chef, Klaas Straatman en deelt hem mede hetgeen hij gehoord heeft. Klaas zegt dan dat de informatie, die Wijtman van Nierkens (via Tiethof) heeft gekregen, mogelijk juist kan zijn. Piet maakt Klaas nog duidelijk dat hij zelf die plaatsen niet kent.

Of Piet zijn bedenkingen vervolgens met Klaas straatman heeft besproken, is niet duidelijk, maar Piet komt zelf tot de conclusie dat Nierkens sr. de zaak wil gaan verraden, ondermeer voor een beloning. Verder concludeert hij dat het niet anders kan of Nierkens sr.heeft zijn informatie gekregen van zijn zoon Wim, die bij Piet in een sectie zit en waar al verdenkingen tegen zijn.

Terwijl Piet bezig is het één en ander in deze zaak helder op een rij te krijgen, is Klaas Straatman alweer onderweg naar de fabriek van de firma Nico ter Kuile, aan de Lage Bothofstraat te Enschede, alwaar een belangrijke vergadering van de staf van de NBS wordt gehouden. Het gaat om de functieverdeling binnen de NBS kring Enschede. Zoals u eerder kon lezen is dat nog een hele klus om iedereen tevreden te stellen. Want de volgende dag, de 14e november wordt de NBS officieel in het leven geroepen.
Over de zaak Nierkens praat Straatman niet in deze vergadering. Dat past niet bij deze gelegenheid. 


 

Naar boven
 

 <<<<<<<                                                        >>>>>>>>